Helmuth von Moltke (de jongere)

Uit Milpedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Moltke (jongere).jpg
Helmuth Johannes Ludwig von Moltke, Pruisisch generaal, * Gersdorf (Mecklenburg), 23 mei 1848, † Berlijn, 18 juni 1916, neef van Helmuth von Moltke, die de strateeg achter de Duitse overwinningen in de oorlogen van 1864, 1866 en 1870-71 was.

De jongere M. werd in 1870 officier, voerde van 1902-04 de 1ste gardedivisie aan, werd in 1904 tegen de wil van Schlieffen generaalkwartiermeester en nam in 1906 ondanks persoonlijke bedenkingen op bevel van Wilhelm II de positie van chef van de generale staf in. Onder hem werden de krijgsplannen voor 1912-13 uitgewerkt; verdergaande plannen zoals die van de chef van de afdeling Operatiën Ludendorff voor omvangrijke versterkingen van de strijdmacht, wees hij af.

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog was hij een ziekelijke man. Hij baseerde de aanvalsoperaties op het Schlieffenplan, dat erop neerkwam, zoveel mogelijk aanvalskracht op Frankrijk te concentreren, en, met een sterke rechtervleugel oprukkend, de vijandelijke troepen in te sluiten en beslissend te verslaan, terwijl de linkervleugel, met de vestingen van Elzas-Lotharingen als rugdekking, eerst hoofdzakelijk defensief bleef. Tegen Rusland zouden dan alleen de allernoodzakelijkste krachten worden ingezet en desnoods zou het gebied tot aan de Weichsel voorlopig worden opgegeven. Maar bevreesd voor een Franse inval in Elzas-Lotharingen, versterkte M. de linkervleugel ten koste van de rechter, en gaf zo het initiatief uit handen en daarmee de mogelijkheid om de volle kracht van het Schlieffenplan tot ontplooiing te kunnen brengen. Het bericht van de Russische inval in het oosten van Duitsland was voor hem aanleiding om bovendien nog eens twee legerkorpsen uit Frankrijk naar Oostpruisen te verplaatsen.

Hoewel de situatie nog gunstig was raakte M. ieder overzicht kwijt en verloor de greep op de operaties, waar leiderschap en daadkracht noodzakelijk waren geweest. Toen tussen het 1ste en 2de Duitse leger een bres ontstond en daar een aanvalsstoot van sterke Franse krachten dreigde, zond M. luitenant-kolonel Hentsch naar de betrokken bevelhebbers met volmachten om de noodlottige terugtocht in te luiden (→ Slag aan de Marne).

M. gaf 14 sept. 1914 het opperbevel over aan minister van Oorlog Falkenhayn en werd later chef van de plaatsvervangende generale staf van het leger. Ontgoocheld en volledig gedesillusioneerd stierf hij in 1916. Postuum verschenen zijn door zijn vrouw Eliza v. M. geredigeerde memoires: "Generaloberst Helmuth von Moltke, Erinnerungen, Briefe, Dokumente" (1922).

Persoonlijke instellingen