Koude Oorlog

Uit Milpedia
Ga naar: navigatie, zoeken

De Koude Oorlog was een periode van gewapende vrede tussen de communistische wereld en het Westen in de tweede helft van de 20ste eeuw.

Oorzaken van de Koude Oorlog

Over het algemeen zijn drie stromingen te onderscheiden in de verklaring voor het ontstaan van de Koude Oorlog: die van de traditionalisten, de revisionisten en de post-revisionisten.

De traditionalisten menen dat de Koude Oorlog is ontstaan door de expansionistische politiek van de Sovjet-Unie onder Stalin na de Tweede Wereldoorlog. De revisionisten (jaren '60-'70) wijzen juist de Amerikaanse expansie aan als oorzaak voor de Koude Oorlog. Zij wijzen erop dat de VS nieuwe markten zocht om rijk te worden. Zo was de Marshall-hulp enkel gericht op het expanderen van de Amerikaanse economie. De laatste groep, de post-revisionisten (jaren '70-'80), zien de Koude Oorlog als onvermijdelijk; deze kwam voort uit het machtsvacuüm na de Tweede Wereldoorlog, toen de Europese landen ernstig verzwakt waren.

Plannen voor het naoorlogse Europa in Jalta en Potsdam

Op 4 februari 1945, toen duidelijk was geworden dat de Tweede Wereldoorlog door de geallieerden gewonnen zou worden, vond de Conferentie van Jalta in de Sovjet-Unie plaats. Hier bespraken de leiders van Groot-Brittannië, Amerika en de Sovjet-Unie, Churchill, Roosevelt en Stalin de situatie die na afloop van de oorlog zou ontstaan. Reeds tijdens de conferentie ontstond er wrijving tussen de deelnemers, met name over het zelfbeschikkingsrecht van de volken in Oost-Europa. Vrijwel direct na afloop van de Tweede Wereldoorlog was de Koude Oorlog een feit. Churchill repte op 5 maart 1946 over 'the iron curtain' (het ijzeren gordijn) dat de Sovjet-Unie had dichtgeschoven waarachter de mensen gebukt gingen onder een communistische dictatuur. De term "IJzeren Gordijn" werd het symbool van de deling van Europa na het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Nadat de oorlog in Europa op 8 mei 1945 was geëindigd, werd er in de zomer van dat jaar tussen de drie landen een nieuwe conferentie gehouden, ditmaal in de Duitse stad Potsdam over de toekomst van Duitsland. Het punt van de herstelbetalingen leverde problemen op. De VS wilde hierin niet te ver gaan omdat economisch herstel van Duitsland noodzakelijk werd geacht. Dat was van invloed op Europa en in een welvarend Europa zou de bevolking minder snel voor het communisme kiezen.

Splitsing van Duitsland

In Potsdam werd besloten om Duitsland in vier bezettingszones op te delen. De drie westelijke geallieerden kregen elk een deel, welke delen in 1949 samen de Bondsrepubliek Duitsland (BRD) vormden. Het vierde deel kwam onder Russische overheersing, en werd in 1949 de Duitse Democratische Republiek (DDR). Ook Berlijn werd in vier zones opgesplitst. De Duitse gebieden ten oosten van de rivieren Oder en Neisse vielen aan Polen toe, dat zelf het oosten van Polen aan de Sovjet-Unie moest afstaan. Ook Oostenrijk werd verdeeld in vier bezettingszones. In 1955 kreeg Oostenrijk zijn zelfstandigheid terug op voorwaarde dat het 'voor eeuwig' neutraal zou blijven. Daarom is het nu nog steeds geen lid van de NAVO, anders dan een aantal voormalige Oostbloklanden.

Atoombom

Amerika had inmiddels met atoombommen Japan in 1945 tot capitulatie gedwongen. Maar het gebruik van de atoombom was ook bedoeld om de Sovjet-Unie te laten zien waartoe de Verenigde Staten in militair opzicht in staat was. De bom had dus ook een afschrikwekkend effect. Met behulp van in het bezette Duitsland buitgemaakte technologie slaagde de Sovjet-Unie er in om Amerika bij te benen en in 1949 hielden zij een eerste test met een nucleair wapen. Engeland volgde in 1951 en snel nadien beschikten de grootmachten over de nog veel krachtiger waterstofbom.

De vorming van twee blokken

Voor de Tweede Wereldoorlog bezat de Sovjet-Unie maar één satellietstaat: Mongolië. Stalin had in de Oost-Europese landen die veroverd waren op Duitsland, regeringen geplaatst met een communistische signatuur. Dit was in strijd met de afspraken die gemaakt waren tijdens de Conferentie van Jalta. De Sovjets zouden zich namelijk terugtrekken uit de gebieden die zij tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden bezet. Bulgarije, Roemenië, Hongarije, Polen, Joegoslavië en Albanië waren of werden achter elkaar communistisch. In 1948 volgde een machtsovername in het democratische Tsjecho-Slowakije, wat in het Westen als een grote schok aankwam.

Ook buiten Europa leek het communisme met ijzingwekkende vaart op te rukken. Communisten hadden grote invloed op en in anti-koloniale bevrijdingsbewegingen, zoals de Vietminh. In 1949 werd de Volksrepubliek China door Mao Zedong uitgeroepen.

Om een tegenwicht te bieden aam het aldus in Europa ontstane Oostblok, riep de Verenigde Staten in 1947 het Marshallplan in leven. Dit was een hulpprogramma, bedacht door de toenmalige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken George Marshall, om alle landen van Europa de mogelijkheid te bieden tot economisch herstel, maar ook om ze af te schermen tegen het communisme. In de praktijk kwam dit er op neer dat voornamelijk aan West-Europa geld werd gegeven, omdat West-Europa op deze manier de kant van de Verenigde Staten zou kiezen en dus niet die van het communistische Rusland. De Sovjet-Unie stond niet toe dat Oost-Europa de haar geboden Marshallhulp accepteerde, uit angst haar greep te verliezen op Oost-Europa.

NAVO en Warschaupact

Op 4 april 1949 richtten de Verenigde Staten, Canada en een tiental West-Europese staten de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) op. Een van de belangrijkste punten is het principe dat men gezamenlijk zal optreden als een van de lidstaten door een vijand wordt aangevallen. Tegelijk was de NAVO echter een waarborg voor stabiliteit binnen West-Europa, waar grote machten elkaar in de loop van de geschiedenis steeds in een wankel evenwicht hadden gehouden. Met die vijand werd tijdens de Koude Oorlog uiteraard de Sovjet-Unie bedoeld.

Het Oostblok op zijn beurt richtte op 14 mei 1955 in Warschau het Warschaupact op, waarvan behalve de Sovjet-Unie alle communistische landen van Europa deel uitmaakten, behalve Joegoslavië. Dit militaire verdrag was vergelijkbaar met de NAVO. Leonid Brezjnev, de Sovjetleider in de jaren zestig, zeventig en tachtig van de vorige eeuw, formuleerde als uitgangspunt dat een land dat zich vijandig gedroeg tegen het communisme, bestraft moest worden door het hele Warschaupact. Deze Brezjnev-doctrine werd realiteit in 1968, toen de Praagse Lente werd beëindigd met een inval in Tsjecho-Slowakije, en opnieuw bij de invasie in Afghanistan in 1979.

Tot aan het einde van de Koude Oorlog is het nooit tot een militaire confrontatie gekomen tussen de NAVO en het Warschaupact.

Er is nooit direct gevochten tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie zelf. Wel was er strijd tussen beide machtsblokken, maar altijd indirect, zoals in Korea, Vietnam, Cuba en Afghanistan.

Korea

In Korea was er na de Tweede Wereldoorlog een tweedeling ontstaan. De Sovjets hadden het noordelijke deel bezet, de Verenigde Staten het zuidelijke. Het verenigen van beide Korea's leek hierdoor onmogelijk. Noord-Korea viel plotseling Zuid-Korea binnen en slaagde erin het bijna helemaal te veroveren. Door het inzetten van VN-troepen werd Zuid-Korea bevrijd en een gedeelte van Noord-Korea veroverd. De zuidelijke troepen werden echter weer teruggedrongen door het communistische China, dat grenst aan Noord-Korea. Toen China zich in het conflict mengde, overwoog generaal Douglas MacArthur om een atoombom tegen dat land te gebruiken. Dit bleef echter uit en na drie jaar oorlog werd er een wapenstilstand gesloten. Korea werd langs de 38ste breedtegraad opgesplitst in Noord- en Zuid-Korea.

Cuba

Het volgende conflict, de Cuba-crisis, ontstond doordat het eiland Cuba na een guerrillaoorlog communistisch was geworden. Fidel Castro voerde nu het bewind en zijn beleid werd voor een groot gedeelte financieel gesteund door de Sovjet-Unie. Het was de Verenigde Staten een doorn in het oog dat het eiland, dat dichtbij Florida ligt, nu communistisch was.

De VS bereidde in 1961 zelfs een invasie voor om het regime omver te werpen. De 1500 man die voor deze invasie waren gemobiliseerd, bestond voornamelijk uit Cubanen die na de communistische machtsovername naar de VS gevlucht waren. Maar de invasie mislukte jammerlijk.

De Sovjet-Unie reageerde hierop door kernraketten op het eiland te installeren. Toen dit aan het licht kwam, eiste de Amerikaanse president John F. Kennedy de onmiddellijke ontmanteling van alle kernraketten. De leider van de Sovjet-Unie, Chroestsjov, was bereid hieraan gehoor te geven, op voorwaarde dat de VS Cuba niet meer aan zou vallen. In het geheim werd ook overeengekomen dat de VS zijn raketten in Turkije, die op Rusland waren gericht, zou weghalen.

Zo bleef Cuba communistisch en was een kernoorlog afgewend. Achteraf bleek dat de wereld nooit zo dicht bij een nucleaire oorlog was geweest als toen. Om zulke problemen te voorkomen werd er een rechtstreekse telexlijn tussen Washington en Moskou aangelegd.

Vietnam

De oude Franse kolonie Indochina was in 1954 in drieën gesplitst: Laos, Cambodja en Vietnam. Vietnam werd op zijn beurt weer verdeeld in een communistisch Noord-Vietnam en een keizerrijk Zuid-Vietnam. Verkiezingen in een verenigd Vietnam waren gepland, maar Zuid-Vietnam en de VS lieten deze niet doorgaan uit angst voor een communistische machtsovername. Zuid-Vietnam werd hierop echter voortdurend geplaagd door communistische guerrilla's: de Vietcong. De Amerikanen investeerden steeds meer financiële hulp in het land, en begonnen ook hulptroepen te sturen. Uiteindelijk zwollen die aan tot 550.000 man, terwijl ook Noord-Vietnam gebombardeerd werd. Andere communistische landen verleenden wel enige steun aan dat land, maar vonden Vietnam toch niet de moeite waard om de relatie met het Westen te verstoren.

Hoewel de Amerikanen dus de vrije hand werd gelaten, slaagden zij er niet in de oorlog te winnen. Van iedere tien soldaten kon er maar één daadwerkelijk bij de gevechten worden ingezet: de overigen waren nodig voor ondersteunende taken. Bovendien waren de Amerikanen niet ingesteld op junglegevechten, terwijl de Vietnamezen zich in het hun vertrouwde oerwoud verscholen en zelfs de Amerikanen vanuit een tunnelstelsel aanvielen. De VS nam zijn toevlucht tot zware middelen: napalm en ontbladeringsmiddelen 'Agent Orange' werden ingezet, maar zonder succes.

Na het Tet-offensief van 1968 moest de VS terugtrekken . Ondanks een akkoord in Parijs in 1973 over de hereniging van Noord- en Zuid-Vietnam en vrije verkiezingen werd Zuid-Vietnam in 1975 onder de voet gelopen door de noordelijke troepen, en in 1976 werd de Socialistische Republiek Vietnam uitgeroepen. Ook Cambodja en Laos werden in 1975 communistisch.

Afghanistan

Een ander conflict in het kader van de Koude Oorlog ontstond toen de linkse Democratische Volkspartij van Afghanistan (DVPA) aan de macht kwam. De leiding van het land kwam in handen van een links gezinde revolutionaire raad onder leiding van Nur Mohammed Taraki, die nauwe banden onderhield met de Sovjet-Unie en fel stelling nam tegen een rurale interpretatie van de islam. Dit leidde echter tot een tegenreactie onder de islamitische bevolking; islamitische strijders begonnen een gewapende strijd tegen het Afghaanse DVPA-bewind.

Het regime-Taraki dreigde zijn greep op het land te verliezen, en in 1978 werd de macht overgenomen door Hafizollah Amin, die zich enigszins van de Sovjet-Unie begon te distantiëren. Taraki werd in augustus 1979 vermoord. Enkele maanden later, op 27 december 1979, deed zich opnieuw een incident voor: een kapitein behorende tot de Pashtun-bevolking zou zes Sovjetadviseurs hebben gedood. De Sovjets, die al een inval in Afghanistan hadden voorbereid, legden dat plan nu ten uitvoer. President Amin kwam daarbij om het leven. Hij werd opgevolgd door Babrak Karmal. In 1981 bevonden zich circa 100.000 Sovjettroepen in Afghanistan. Verschillende islamitische moedjahedin-groeperingen (moedjahedin betekent strijders) bevochten met westerse en Pakistaanse steun de Sovjetbezetters.

In februari 1989 trokken de Sovjettroepen zich na lang, moeizaam onderhandelen en onder grote interne en externe druk terug. De oorlog had in totaal aan circa 1,5 miljoen mensen het leven gekost en circa vijf miljoen Afghanen op de vlucht gejaagd, met name naar de buurlanden Pakistan en Iran. Velen, onder wie Hezb-i-Islami-leider Gulbuddin Hekmatyar, hadden al voor de Sovjetinvasie in 1979 hun toevlucht gezocht in Pakistan. Het communistische bewind onder Muhammad Nadjiboellah, dat door de Sovjet-Unie in het zadel was gezet, hield nog tot april 1992 stand.

Ontspanningsperiode gevolgd door hernieuwde spanning

Inmiddels had zich tussen 1969 en 1975 een periode van ontspanning voorgedaan, ook wel détente genoemd. Sovjetleider Brezjnev was voorstander van zo'n détente, en de Amerikaanse president Richard Nixon was het met hem eens. Nixon met adviseur Kissinger bezochten zowel China als de Sovjet-Unie, hiermee begon de driehoeksdiplomatie tegen Noord-Vietnam. Op 22 tot 26 mei 1972 werd het SALT-verdrag in Moskou getekend en daarmee begon de echte ontspanningsperiode. Vanwege deze driehoeksdiplomatie hoefde Nixon niet meer te vrezen voor oorlog met China en kon hij dichterbij de Chinese grens bombarderen.

Toen president Nixon echter tot aftreden werd gedwongen om het Watergate-schandaal, kwam ook aan de ontspanning een einde.

Met het aantreden van Ronald Reagan in 1981 kwam er een nieuwe verhoogde spanning tussen de twee blokken. De Sovjet-Unie installeerde nieuwe SS-20-raketten, waarop de VS de gevreesde kruisraketten naar Europa bracht. Ook in Nederland waren er plannen dergelijke wapens te installeren (Woensdrecht), wat een sterke reactie van de vredesbeweging veroorzaakte. De wapenwedloop werd tot een nieuw hoogtepunt opgedreven door het Strategic Defense Initiative- (SDI, ook wel Star Wars genoemd) defensieprogramma van de Amerikanen. Door een schild van satellieten, lasers en afweerraketten zou het hele nucleaire Sovjetarsenaal op slag nutteloos worden. Star Wars werd echter vanwege de extreem hoge kosten afgeblazen. Topoverleg tussen de beide grootmachten in het midden van de jaren 80 bracht een einde aan deze kortstondige, maar ernstige, herleving van de directe dreiging.

De Berlijnse Muur

Na de Tweede Wereldoorlog werd Duitsland in vier bezettingszones ingedeeld. Uit de drie Westerse zones ontstond in 1949 West-Duitsland, oftewel de Bondsrepubliek Duitsland (BRD). De Sovjetzone werd in 1949 omgevormd tot een communistische staat, de Duitse Democratische Republiek (DDR). Merkwaardig genoeg werd ook Berlijn in vier zones ingedeeld. Oost-Berlijn werd de hoofdstad van de DDR. Berlijn werd dus omringd door Oost-Duits gebied, maar West-Berlijn (de drie Westerse bezettingszones) ging de facto deel uitmaken van de nieuwe BRD.

De Sovjets wilden de invloed van West-Berlijn zo veel mogelijk indammen en hadden het liefst dat de enclave samengevoegd werd met Oost-Berlijn. Ze wilden dit bereiken door middel van een blokkade om West-Berlijn. In deze opzet slaagden zij niet. Amerika hield van juni 1948 tot mei 1949 met een luchtbrug in stand, die in totaal 2,3 miljoen ton aan voedsel en andere hulpgoederen invloog. Alleen oorlog had een eind kunnen maken aan die luchtbrug, maar dat ging de Sovjets kennelijk te ver. Toen het hen duidelijk werd dat de blokkade niet het gewenste effect had, werd die opgeheven.

Oost-Duitsland en Oost-Berlijn waren voor westerlingen niet of nauwelijks toegankelijk, ook niet vanuit West-Berlijn. Omgekeerd was het voor Oost-Duitsers juist vrij gemakkelijk om West-Berlijn binnen te komen, en van daaruit het vliegtuig te nemen naar de Westerse wereld. Meer dan 2,5 miljoen Oost-Duitsers ontvluchtten zo het regime van de DDR en zochten hun heil in de BRD of in andere Westerse staten.

Om de leegloop tegen te gaan, begonnen de Oost-Duitsers in 1961 met de bouw van de zogenoemde "Berlijnse Muur" rond heel West-Berlijn, zodat dit stadsdeel nog meer geïsoleerd raakte. Er waren nog maar twaalf grensovergangen naar Oost-Duitsland.

Op 9 november 1989 viel de muur: het verzwakte Oost-Duitse bewind was niet langer in staat hem in stand te houden. De druk op het communistische regime werd groter, met als gevolg dat West- en Oost-Berlijn werden herenigd. De tweedeling had 44 jaar geduurd. De hereniging werd groots gevierd. Een jaar later werd geheel Duitsland herenigd; het vormde opnieuw één staat.

Einde van de Koude Oorlog

De val van de muur was ook het startsein voor het einde van de Koude Oorlog. De Sovjet-Unie was niet langer in staat controle uit te oefenen op de landen in Oost-Europa. De Sovjeteconomie zat aan de grond en de Sovjet-Unie had niet langer de mogelijkheid om op te treden tegen de roep om vrijheid en hervormingen. Daarbij kwam dat door het aantreden van Michail Gorbatsjov in 1985 werd geprobeerd om politieke en economische hervormingen door te voeren. Dit leidde tot een verdere ontspanning in de relatie tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, maar de economische hervormingen brachten niet de gewenste opleving van de Sovjeteconomie en liepen op den duur uit de hand.

De opheffing van de Sovjet-Unie op 26 december 1991 wordt wel gezien als het daadwerkelijke einde van de Koude Oorlog. Op die dag riep Boris Jeltsin de Russische Republiek uit en werd de president van de Sovjet-Unie, Michail Gorbatsjov, afgezet. Vervolgens verliet een groot aantal communistische landen het systeem en werden kapitalistische staten naar Westers model.




Dit artikel valt onder de GNU-licentie voor vrije documentatie