Sjabloon:Wist je dat 29

Uit Milpedia
Ga naar: navigatie, zoeken

De geallieerden vrij eenvoudig een SS’er kon identificeren? Vrijwel alle leden van Hitler’s elitekorps werden verplicht om de bloedgroep onder de oksel te tatoeëren. De SS’ers deden dit om snel met vers bloed geholpen te kunnen worden indien ze gewond raakten. Tijdens de strijd was dit een grote troef om een ernstige verwonding te overleven. Na de oorlog speelde dit echter in hun nadeel, de geallieerden hoefden immers maar de oksel van elke verdachte te controleren. Op deze manier werden veel SS’ers die anoniem het land wilden uitvluchten alsnog gevangen genomen. Dit controlesysteem was echter niet geheel waterdicht. Sommige top-SS’ers hadden dergelijke tatoeage niet omdat ze geen gevechtsfunctie uitoefenden. Zo glipte bijvoorbeeld de SS’er Adolf Eichmann door de mazen van het net. Hij werd echter na de oorlog opgespoord en door de Mossad uit Argentinië ontvoerd om te worden berecht.